De Vrije Jongensschool werd hier gebouwd in 1879 onder impuls van pastoor C. Ghesquière op de grond van en met financiële steun van Léonie de Croix, kasteelvrouw van Dadizele.
Uit erkentelijkheid daarvoor werd het wapenschild van de familie de Croix op de voorgevel aangebracht. De school bestond uit: 3 klaslokalen, een kapel, een speelplaats met afdak, een kolenhok en een schoolhuis voor het schoolhoofd ernaast.
Tijdens WOI werd het gebouw zwaar beschadigd. Na de heropbouw werd het niet meer gebruikt als school, maar omgevormd tot patronage.
In 1932 kocht Albert Ingelbeen het gebouw en maakte er een maalderij van. Later werd het verhuurd voor allerlei activiteiten onder andere speelpleinwerking in de jaren 1990. Het schoolhuis werd privé-eigendom.
In 1999 werden de beide gebouwen aangekocht door het aanpalende woonzorgcentrum dat alles liet afbreken en er een nieuwbouw met kamers voor zijn bewoners liet optrekken.
Patronage: plaats waar jeugdwerking doorging
